Laura, we hebben elkaar nu al 2 eeuwen niet meer gezien, niet meer sinds die dag van ongeschoren schaamte en hormonaal geweld tussen uw benen en ons beiden. Ik weet nog dat je bij me was gekomen om te vragen of ik je kon leren wat het Wit was, dat je er iets over gehoord van een ongewassen glas in de kroeg. Het waren de meest vreemde dagen die men kon bedenken. Er was veel licht in de straten, geen zon, een enkele Witte massa die zich boven ons uitstrekte, een metreologisch fenomeen uniek en zaligmakend voor poeeten als wij. Wij zijn poeeten Laura, jij en ik samen, je weet het en voelt het in alles wat je zegt en doet. Ik denk aan je. Ik heb je vraag nooit beantwoord, de tijd was nergens te bespeuren en voor we het wisten had hij ons al ingehaald, we waren blut en konden niets kopen. We waren schatrijk. Hebben we toen niet gelachen? met de tijd? allebei verstopten we ons in een herinnering, en ik vond je op een hoek van de straat nog geen 2 weken vroeger. Het waren de meest vreemde dagen die men kon bedenken. Wat is er eigenlijk gebeurt? kwam je op me af? kenden we elkaar al lang? ik kende je al nog voor je aankwam. Het kon zijn uit een oud studentenleven, maar dat wist ik niet meer, er hangt een grauwe tijd om mijn studies die ik met een nodige brok nervositeit voor realiteit afwerkte, hoe moest ik ooit in een heterogene samenleving gaan functioneren. Ik was niets tot het Wit er was.

(uit: Het Wit)





2 Reacties

  1. -Slik-
    Ik vind het prachtig..

  2. Dit. Is mooi.


Plaats een reactie

*
*